- Problemen bij maaiwerkzaamheden

Een van de belangrijkste taken van het waterschap is het onderhouden van de watergangen (sloten en beken). Om de watergangen schoon, open en op diepte te houden, wordt onder andere de begroeiing gemaaid. Hierdoor wordt overtollig water goed afgevoerd.
MaaiseizoenHet maaiseizoen begint meestal in mei. De begroeiing is dan zo ver gegroeid dat het nadelen kan opleveren voor de afvoer van water in de sloten. Hierdoor kan wateroverlast ontstaan en dat wil het waterschap voorkomen.
Waterschap De Dommel vindt het belangrijk dat u weet wanneer er waar gemaaid wordt. Raadpleeg de maaikaart om te zien wanneer er waar gemaaid wordt.
Om schade aan de natuur te voorkomen wordt een watergang eerst aan één zijde gemaaid en vier tot zes weken later aan de andere zijde. Op deze manier hebben dieren altijd een schuilplaats en ontstaat er variatie in de plantenbegroeiing. Voor de waterafvoer is het in deze periode van het jaar voldoende als er maar voor de helft wordt gemaaid.
Deze manier van onderhouden, is goed voor de biodiversiteit. De ongemaaide waterkanten bieden overlevingskansen voor vissen en amfibieën. Ook is er een positief effect op de aanwezigheid van insectensoorten. Deze laatsten vormen weer het voedsel voor vogels.