Water in beken, sloten, plassen en vijvers
Het waterschap heeft de zorg voor de waterkwantiteit; de hoeveelheid water in beken, sloten, vennen en plassen. Er mag niet te veel water zijn, maar ook zeker niet te weinig.
Te veel water kan leiden tot overstromingen en andere vormen van overlast. Te weinig water leidt tot verdroging wat nadelig is voor de landbouw en de natuur.
Het waterschap meet regelmatig de waterstanden. Op die manier kunnen we problemen vroegtijdig signaleren en zorgen we voor het juiste waterpeil. Een systeem van meetnetten is hiervoor speciaal aangelegd.
Via overstorten kan er rioolwater uit het rioolstelsel in het oppervlaktewater terecht komen. Gebeurt dit na een langere droge periode dan kan het voor de aanwezige flora en fauna fataal zijn.
Door hoge temperaturen en weinig neerslag kan de waterafvoer van oppervlaktewateren in het beheergebied sterk teruggelopen. Dit kan leiden tot het instellen van een wateronttrekkingsverbod voor gedeelten van het beheergebied of het gehele beheergebied.
Op deze pagina vindt u informatie over verdroging. Verdroging kan tot problemen leiden in de landbouw en in de natuur. Om dit te bestrijden zijn samenhangende maatregelen nodig.
-