Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Waterschap De Dommel

Gedragscode integriteit voor Dagelijks Bestuurders van waterschap De Dommel

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
Organisatie Waterschap De Dommel
Organisatietype Waterschap
Officiële naam regeling Gedragscode integriteit voor Dagelijks Bestuurders van waterschap De Dommel
Citeertitel Gedragscode integriteit voor Dagelijks Bestuurders van waterschap De Dommel
Vastgesteld door algemeen bestuur
Onderwerp bestuur en recht
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

Waterschapswet, art. 33, lid 3

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen.

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

25-04-2016 nieuwe regeling

25-11-2015

Waterschapsblad, 2016, 1418

Onbekend.

Tekst van de regeling

Intitulé

Gedragscode integriteit voor Dagelijks Bestuurders van waterschap De Dommel

Gedragscode integriteit voor Dagelijks Bestuurders van waterschap De Dommel

Paragraaf 1 Algemene bepalingen

Artikel 1.1
  • 1.

    Deze gedragscode geldt voor de waterschapvoorzitter, de overige leden van het dagelijks bestuur en de bestuursorganen.

  • 2.

    In deze gedragscode wordt onder lid van het dagelijks bestuur niet mede de waterschapvoorzitter verstaan.

Artikel 1.2
  • 1.

    De gedragscode is openbaar en via internet beschikbaar.

Paragraaf 2 Voorkomen van belangenverstrengeling

Artikel 2.1.1.
  • 1.

    De waterschapvoorzitter levert de secretaris-directeur de informatie aan over de nevenfuncties die openbaar gemaakt moeten worden, bij aanvang van het ambt. Als gaande het lidmaatschap een nieuwe nevenfunctie aanvaard wordt of de omstandigheden met betrekking tot een bestaande nevenfunctie wijzigen, wordt de informatie die hierop betrekking heeft binnen één week aangeleverd bij de secretaris -directeur. Voorzitterschap wordt beschouwd als hoofdfunctie.

  • 2.

    De informatie betreft in ieder geval:

    • a.

      de omschrijving van de nevenfunctie;

    • b.

      de organisatie voor wie de nevenfunctie wordt verricht

    • c.

      of het al dan niet een nevenfunctie betreft uit hoofde van het ambt;

    • d.

      of de nevenfunctie bezoldigd of onbezoldigd is;

    • e.

      indien bezoldigd wat de inkomsten zijn.

      • 3.

        De secretaris-directeur legt hiervoor een register aan en beheert dit register. Het register is openbaar en ligt ter inzage op de secretarie van De Dommel uiterlijk op 1 april na het kalenderjaar waarin de inkomsten zijn genoten.

Artikel 2.1.2
    • 1.

      Het lid van het dagelijks bestuur levert de secretaris-directeur de informatie aan over de nevenfuncties die openbaar gemaakt moeten worden bij aanvang van het ambt. Als gaande de uitoefening van het ambt een nieuwe nevenfunctie aanvaardt wordt of de omstandigheden met betrekking tot bestaande nevenfuncties wijzigen, wordt de informatie die hier betrekking heeft binnen één week aangeleverd bij de secretaris-directeur. Bestuurslidmaatschap wordt gezien als hoofdfunctie

    • 2.

      De informatie betreft in ieder geval:

    • a.

      De omschrijving van de nevenfunctie;

    • b.

      De organisatie voor wie de nevenfunctie wordt verricht;

    • c.

      Of het al dan niet een nevenfunctie betreft uit hoofde van het ambt;

    • d.

      Of de nevenfunctie bezoldigd of onbezoldigd is;

      • 3.

        De secretaris-directeur legt hiervoor een register aan en beheert dit register. Het register is openbaar en via internet beschikbaar.

Artikel 2.2
  • 1.

    De waterschapvoorzitter en het lid van het dagelijks bestuur handelen in de uitoefening van hun ambt niet zodanig dat zij vooruitlopen op een functie na aftreden.

  • 2.

    Het lid van het dagelijks bestuur bespreekt het voornemen tot tussentijdse aanvaarding van een functie na aftreden, met de waterschapvoorzitter.

Artikel 2.3.
  • 1.

    Het dagelijks bestuur sluit de waterschapvoorzitter en een lid van het dagelijks bestuur gedurende een jaar na aftreden uit van het tegen beloning verrichten van werkzaamheden ten behoeve van het waterschap.

  • 2.

    De uitsluiting geldt niet bij aanvaarding van een dienstbetrekking bij het waterschap waar hij waterschapvoorzitter, onderscheidenlijk lid van het dagelijks bestuur was. Voor werving, selectie en indiensttreding bij het waterschap zijn de voor het ambtelijk personeel geldende regels van toepassing.

Artikel 2.4
  • 1.

    Het dagelijks bestuur draagt de waterschapvoorzitter en een lid van het dagelijks bestuur niet eerder dan een jaar na aftreden voor als kandidaat voor benoeming tot commissaris dan wel bestuurslid van een verbonden partij.

  • 2.

    Onder verbonden partij wordt verstaan wat hieronder wordt verstaan in artikel 4.1 van het Waterschapsbesluit.

Paragraaf 3 Informatie

Artikel 3.1
  • 1.

    De waterschapvoorzitter respectievelijk het lid van het dagelijks bestuur zorgt ervoor dat vertrouwelijke en geheime informatie waarover hij beschikt veilig wordt bewaard.

  • 2.

    De waterschapvoorzitter respectievelijk het lid van het dagelijks bestuur maakt niet ten eigen bate of ten bate van derden gebruik van in de uitoefening van het ambt verkregen niet openbare informatie.

Paragraaf 4 Omgaan met geschenken en uitnodigingen

Artikel 4.1
  • 1.

    De waterschapvoorzitter respectievelijk het lid van het dagelijks bestuur accepteert geen geschenken, faciliteiten en diensten als zijn onafhankelijke positie hierdoor kan worden beïnvloed.

  • 2.

    Onverminderd het eerste lid kan de waterschapvoorzitter respectievelijk het lid van het dagelijks bestuur incidentele geschenken die een geschatte waarde van ten hoogste € 50 vertegenwoordigen behouden.

  • 3.

    Geschenken die de waterschapvoorzitter respectievelijk het lid van het dagelijks bestuur uit hoofde van zijn ambt ontvangt en die een geschatte waarde van meer dan € 50 vertegenwoordigen worden, als zij niet worden teruggestuurd, eigendom van het waterschap.

  • 4.

    De secretaris-directeur legt een register aan van de geschenken met een geschatte waarde van meer dan € 50. In het register is aangegeven welke bestemming het waterschap hieraan heeft gegeven. Het register is openbaar en via internet beschikbaar.

  • 5.

    Geschenken worden niet op het huisadres ontvangen.

Artikel 4.2.
  • 1.

    De waterschapvoorzitter respectievelijk het lid van het dagelijks bestuur accepteert geen lunches, diners, recepties en andere uitnodigingen die door anderen betaald of georganiseerd worden, tenzij dat behoort tot de uitoefening van de functie en de aanwezigheid beschouwd kan worden als functioneel.

  • 2.

    Bij twijfel legt de waterschapvoorzitter respectievelijk het lid van het dagelijks bestuur de uitnodiging ter bespreking voor aan het dagelijks bestuur.

Artikel 4.3
  • 1.

    Uitnodigingen voor excursies en evenementen voor rekening van anderen dan het waterschap legt de waterschapvoorzitter respectievelijk het lid van het dagelijks bestuur vooraf ter bespreking voor aan het dagelijks bestuur.

  • 2.

    De waterschapvoorzitter, onderscheidenlijk het lid van het dagelijks bestuur meldt de gemaakte excursies en evenementen één maal per kwartaal bij de secretaris- directeur. Daarbij wordt ook openbaar gemaakt wie de daarmee gemoeide kosten voor zijn rekening heeft genomen.

    • 3.

      Deze informatie is via internet beschikbaar.

    • 4.

      De informatie over buitenlandse reizen voor rekening van derden wordt één keer per kwartaal opgenomen in het register, bedoeld in artikel 5.3, tweede lid.

Paragraaf 5 Gebruik van voorzieningen van het waterschap

Artikel 5.1
  • 1.

    Het bestuursorgaan richt de financieel en administratieve organisatie zodanig in dat er een getrouw beeld mogelijk is van de juistheid en rechtmatigheid van de uitgaven en hanteren heldere procedures over de wijze waarop functionele uitgaven rechtstreeks in rekening worden gebracht of kunnen worden gedeclareerd bij het waterschap.

  • 2.

    De waterschapvoorzitter en het lid van het dagelijks bestuur verantwoordt zich over zijn gebruik van de voorzieningen volgens van de in het eerste lid vastgestelde regels en procedures.

Artikel 5.2
  • 1.

    De waterschapsvoorzitter respectievelijk het lid van het dagelijks bestuur meldt het voornemen tot een buitenlandse dienstreis of een uitnodiging, ten behoeve van het waterschap, daartoe in het dagelijks bestuur. Hij verschaft daarbij informatie over het doel duur van de reis, de bijbehorende beleidsoverwegingen, de samenstelling van het gezelschap dat meereist, de geraamde kosten en de wijze waarop verslag van de reis wordt gedaan.

  • 2.

    De waterschapvoorzitter, onderscheidenlijk het lid van het dagelijks bestuur meldt het als hij voornemens is om de buitenlandse reis voor privédoeleinden te verlengen. De extra kosten van de verlenging komen volledig voor eigen rekening.

Artikel 5.3
  • 1.

    De waterschapsvoorzitter respectievelijk een lid van het dagelijks bestuur legt verantwoording af over de afgelegde buitenlandse dienstreizen. Hij maakt in ieder geval openbaar wat het doel, de bestemming en de duur van de buitenlandse dienstreis is geweest en wat daarvan de kosten waren voor het waterschap.

  • 2.

    De secretaris-directeur legt hiervoor een register aan en beheert dit register. Het register is openbaar en via internet beschikbaar.

Artikel 5.4
  • 1.

    Voor de toepassing van de artikelen 5.2 en 5.3 wordt onder buitenlandse dienstreis niet verstaan een dienstreis naar buitenlandse waterbeherende organisaties grenzend aan het beheersgebied van de Dommel.

Artikel 5.5.
  • 1.

    De waterschapvoorzitter respectievelijk een lid van het dagelijks bestuur declareertgeen kosten die al op andere wijze worden vergoed.

Artikel 5.6
  • 1.

    Gebruik van voorzieningen en eigendommen van het waterschap ten eigen bate of ten bate van derden is niet toegestaan, tenzij hier andere afspraken over gemaakt zijn.

Paragraaf 6 Uitvoering gedragscode

Artikel 6.1
  • 1.

    Het algemeen bestuur bevordert de eenduidige interpretatie van de gedragscode.Ingeval van leemtes en onduidelijkheden in de gedragscode voorzien zij daarin.

Artikel 6.2
  • 1.

    Op voorstel van de waterschapvoorzitter maakt het algemeen bestuur afspraken over:

  • a.

    de periodieke bespreking integriteit en van de gedragscode in het bijzonder;

  • b.

    de aanwijzing van contactpersonen of aanspreekpunten integriteit;

  • c.

    de processtappen die worden gevolgd bij een vermoeden van een integriteitschending van een bestuurder van het waterschap.

  • d.

    Na vaststelling van de gedragscode, volgt de uitwerking door het DB van artikel 6.2 lid 1. a, b en c.

  • 2.

    De afspraken, bedoeld in het eerste lid, maken deel uit van deze gedragscode.