Eerste bouwsteen projectplan Tongelreep ter inzage geweest

30 april 2019 Voor het project Herinrichting beekdal Tongelreep is een notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) gemaakt. Dit is de eerste stap richting een definitief projectplan. Tussen 18 maart en 29 april 2019 lag de NRD ter inzage bij de provincie Noord-Brabant. Het document vindt u onderaan deze pagina of op het interactieve informatieplatform van Royal Haskoning DHV. We hebben gemerkt dat het een aantal dagen niet mogelijk is geweest om digitaal een zienswijze in te dienen op de NRD via www.brabant.nl door een technische storing. Onze excuses hiervoor. Gelukkig kon dit tijdig hersteld worden. Zienswijzen van mensen die aangaven dat het digitaal indienen niet lukte, zijn alsnog binnengekomen. De provincie neemt deze mee in haar beantwoording. Onderaan de pagina vindt u de meest gestelde vragen over de NRD.

Waterschap De Dommel gaat het beekdal van de Tongelreep herinrichten waarbij de beek een meer natuurlijke loop krijgt. Ook nemen we maatregelen om kwetsbare natuur te herstellen. Om de effecten van deze beekherstellende maatregelen zorgvuldig in beeld te krijgen, laat het waterschap een milieueffectrapportage (MER) maken. De eerste fase daarvan is het in kaart brengen welke varianten van maatregelen  we verder gaan onderzoeken en hoe we dat gaan doen. Dat staat in de NRD.

Twee alternatieven

In de NRD is een keuze gemaakt voor twee alternatieven: een minimale variant en een maximale variant. Van deze twee varianten worden de milieueffecten onderzocht. Het betekent niet dat het definitieve projectplan ook daadwerkelijk één van deze alternatieven wordt. We kunnen ook ergens in het midden uitkomen. In de NRD is alleen de bandbreedte aangegeven.

Alternatief 1

Het project Herinrichting Beekdal Tongelreep is een Programma Aanpak Stikstof (PAS) project. De provincie wil dat wij voor 2021 maatregelen nemen om het stikstofgehalte in het gebied terug te brengen. Het doel van het eerste alternatief is het behalen van de ‘juridische verplichtingen’ die zijn vastgelegd in de PAS. De stroomsnelheid van de beek wordt geoptimaliseerd en de grondwaterstand gaat omhoog voor de bomen in het beekdal. Dat gebeurt onder meer door

•    Het laten meanderen van de beek, de beek smaller te maken en bodem van de beek te verhogen (beekherstel)

•    Door sloten en greppels te dempen of te verondiepen

•    Door drainage te verwijderen, Door naaldbomen te kappen en om te vormen naar heide/grasland

•    Door dood hout in de beek te leggen

Vanaf de stuw in noordelijke richting bestaan de maatregelen uit het verhogen van de beekbodem, het leggen van dood hout in de beek, het dempen en verondiepen van sloten en greppels. Bij deze variant wordt onderzocht in hoeverre agrariërs aan de westzijde van de beek gebaat zijn bij waterconservering voor droge tijden en hoe dit inpasbaar is in het landschap.

Alternatief 2

 De maatregelen die in alternatief 1 zijn opgenomen gelden ook voor alternatief 2.

•    Het laten meanderen van de beek, de beek smaller te maken en bodem van de beek te verhogen (beekherstel)

•    Door sloten en greppels te dempen of te verondiepen (groter aantal dan in alternatief 1)

•    Door drainage te verwijderen (op meer plekken dan in alternatief 1),

•   Door naaldbomen te kappen en om te vormen naar heide/grasland

•   Door dood hout in de beek te leggen

Dit alternatief kijkt echter veel verder dan de juridische verplichtingen die zijn vastgelegd in de PAS en de Kader Richtlijn Water (KRW) en zoekt nadrukkelijk naar een optimale, robuuste inrichting van het beekdal.  Dit alternatief omvat minimaal de maatregelen uit het eerste alternatief maar gaat veel verder. Uitgangspunt is dat het beekdal opgewassen is tegen droge en natte periodes en daarmee klimaatrobuust wordt.

Gezocht wordt naar een beekdal dat in natte tijden water kan vasthouden om afvoerpieken te voorkomen. Bewoners houden droge voeten, water kan worden gebruikt door agrariërs in het gebied. Doel is om in droge tijden zo lang mogelijk water beschikbaar te houden voor de natuur.

In alternatief 2 zit met name verschil in de maatregelen en het effect aan de westzijde van de beek. In dit alternatief wordt onderzocht of de gronden aan de westzijde van de beek natuurlijk ingericht kunnen worden waardoor optimaal ruimte ontstaat voor een robuust beekdal. Dit komt ten goede aan de natuurdoelen aan de westzijde van de beek. Concreet komt het erop neer dat de percelen aan deze zijde van de beek als gevolg van dit alternatief natter gaan worden. In alternatief 1 wordt onderzocht of deze gronden hun landbouwfunctie kunnen behouden.

Voorkeursalternatief

Voor deze twee alternatieven wordt gekeken wat de milieueffecten zijn. Dat staat in de MER. Op basis daarvan kiezen de provincie Noord- Brabant en het waterschap een voorkeursalternatief. Dit alternatief wordt verder uitgewerkt in verschillende varianten. Daarbij kijken we hoe we negatieve gevolgen voor de omgeving, landbouw en wonen, kunnen voorkomen of in ieder geval beperken. Op het moment dat de MER klaar is, plannen we een nieuwe informatie bijeenkomst. Ook dan kunnen we nog geen definitief projectplan presenteren, maar er ligt dan wel een voorkeursalternatief.

Ter inzage

Tussen 18 maart en 29 april 2019 lag de NRD ter inzage bij de provincie Noord-Brabant. Wie vindt dat er meer moet worden onderzocht dan nu is opgenomen in de NRD, kon dit bij de provincie aangeven door het indienen van een zienswijze. De provincie beantwoordt de zienswijze. Tegen de NRD kan geen bezwaar worden gemaakt. Als de NRD definitief is, starten we met het onderzoeken van de milieueffecten van deze alternatieven. Deze worden opgenomen in de MER. Op basis van deze MER wordt gestart met het maken van een projectplan.

Informatiebijeenkomst

Mocht u na het lezen van de NRD vragen hebben of advies willen over het indienen van een zienswijze, dan kunt u een afspraak maken met een van onze medewerkers uit het projectteam.  Om een afspraak te maken mailt u naar projecttongelreep@dommel.nl.

Presentatie bijeenkomst 14 maart

Op 14 maart 2019 organiseerden we een informatieavond over de NRD in Herberg de Taamvenhoeve in Valkenswaard. Onder dit artikel staat de powerpoint  die we deze avond hebben laten zien.

Nieuwsbrief

Via de nieuwsbrief houden we u op de hoogte van alle ontwikkelingen binnen dit project, van de planning en van bijeenkomsten. Schrijf je hier in voor de nieuwsbrief.

Veelgestelde vragen

 Heeft u een andere vraag dan een van onderstaande vragen?  Neem dan contact op per e‑mail: projecttongelreep@dommel.nl

a. Waar is alle informatie omtrent het project terug te vinden?

Op de website van de Waterschap De Dommel, www.dommel.nl/tongelreep, staan alle nieuwsbrieven, de presentatie van die avond en de Notitie Reikwijdte en Detailniveau. Daarnaast is er ook een informatieplatform waar ook project specifieke informatie terug te vinden is. Het platform is te bereiken via www.royalhaskoningdhv.com/tongelreep
Het platform is bedoeld als een extra service. Hier zijn bijvoorbeeld interactieve kaartlagen te vinden die via onze eigen website niet te tonen zijn. Maar de belangrijkste informatie blijft ten alle tijden op onze website zichtbaar.

b. Met wie werkt het waterschap hierbij samen?

Provincie Noord-Brabant, gemeente Valkenswaard en Heeze-Leende, Brabants Landschap en Staatsbosbeheer.

c. Waarom duurt het zo lang voordat er duidelijkheid komt?

Het beekdal van de Tongelreep is een complex project. We hebben eerst in kaart gebracht wat de actuele waterstanden zijn om een betrouwbare uitgangssituatie te hebben.  Ook was voorheen niet duidelijk of het om alluviale bossen gaat en of er maatregelen nodig zijn om deze bossen te beschermen. Daarom hebben we nader onderzoek gedaan. Daarnaast moesten (vanwege de PAS) ook bestuurders van meerdere organisaties mee beslissen. Ook dat vraagt extra tijd.

d. Hoe zit het met dit project nu het Europese hof kritisch is over de PAS?

De discussie gaat hoofzakelijk over het PAS-vergunningstelsel, en in veel mindere mate over de PAS-herstelmaatregelen. Om te voorkomen dat kwetsbare natuurwaarden verder achteruit gaan, moeten volgens de Europese Natura2000-spelregels en het PAS sowieso vóór 1 juli 2021 herstelmaatregelen worden genomen. Deze maatregelen moeten nog steeds zo snel mogelijk worden uitgevoerd zodat ze in ieder geval uiterlijk op 1 juli 2021 gerealiseerd zijn. Vergunningen waartegen beroep is ingesteld houdt de rechter aan totdat het Europees Hof uitspraak heeft gedaan. Deze uitspraak zal duidelijkheid geven of en zo ja onder welke voorwaarden en in welke gevallen vergunningen verleend kunnen en mogen worden in gebieden die onder de stikstofdepositie te lijden hebben. Voor de uit te voeren maatregelen in dit project heeft het dus geen effect.

e. Wat gebeurt er met onze inbreng?

We houden sinds de startbijeenkomst van 4 juni 2018 een programma van wensen en eisen bij. Dit vullen we steeds aan na keukentafelgesprekken, bijeenkomsten etc. Voor eisen geldt dat ze keihard zijn (bv uitvoeren van beekherstel, de juiste grondwaterstand voor alluviaal bos). Dit zijn eisen die gesteld zijn uit Kaderrichtlijn Water, Programma Aanpak Stikstof en Natuur Netwerk Brabant. Voor wensen geldt dat we ze proberen in te passen in het projectplan waar mogelijk. Mits het de andere doelen of belangen natuurlijk niet schaadt. Degene die een wens heeft ingebracht krijgt altijd een terugkoppeling waarom het wel of niet is opgenomen in het projectplan.

f. Wat is de (globale) planning van het project?

Het voorkeursalternatief wordt verder uitgewerkt in een definitief ontwerp. Dat ontwerp wordt beschreven in het projectplan wat ook ter inzage komt te liggen. Reacties worden bekeken, onder andere of die gegrond zijn en verwerkt kunnen worden in het projectplan. Bestuurders buigen zich dan over het plan en nemen hierover een besluit. Zodra het plan vastgesteld is, kunnen we op zoek naar aannemers. Degene die qua prijs/kwaliteit het beste plan heeft, mag de maatregelen gaan uitvoeren. De uitvoering  zal op z’n vroegst starten in de tweede helft van 2021.

g. Wat staat er in een NRD?

De NRD beschrijft de 2 uiterste alternatieven, het minimale en maximale scenario. Deze scenario’s zijn echter niet waarschijnlijk maar geven als het ware een soort bandbreedte aan. Onder minimum wordt verstaand wat er juridisch écht nodig is om de doelen te kunnen halen. Het maximum is wat er hydrologisch maximaal aan vernattingsmaatregelen mogelijk is. Door straks in de MER deze alternatieven te onderzoeken en te scoren op verschillende criteria rolt daaruit een reëel voorkeursalternatief (VKA).

h. Is er al duidelijk wat er gaat gebeuren via het NRD?

Nee, er is nog niet duidelijk wat er precies gaat gebeuren. Wij hebben de afgelopen periode wel in beeld gebracht wat onder andere de huidige waterstanden en kwaliteit zijn van het beekdal en omschreven wat de gewenste situatie is naar aanleiding van de gestelde (natuur)doelen. Deze informatie over het ‘watersysteem’ is verwerkt in hydrologische modellen, een zogenaamd minimaal en maximale variant. Met de hydrologische modellen is een analyse gemaakt waaruit gebleken is dat het theoretisch (modelmatig) mogelijk is om de gewenste grondwaterstanden te behalen. Hier zijn grondwaterkaarten van gemaakt. Deze kaarten zijn bedoeld om inzicht in het watersysteem te krijgen en zeggen nog niks over welke maatregelen uitgevoerd moeten worden. In een minimale alternatief wordt beschreven wat er dient te gebeuren om aan de juridische verplichtingen te voldoen. Het maximale alternatief is het uiterste hydrologische haalbare. Beide varianten zijn de uitersten en niet waarschijnlijk. Het reële alternatief, het zogenaamde voorkeursalternatie, rolt uit de MER (Milieu effect rapportage).

i, Hoe kunnen sommige grondeigenaren dan weten dat hun percelen wel of niet nodig zijn?

Soms zien we op basis van het minimale alternatief dat percelen niet meer landbouwkundig gebuikt kunnen worden. Daarom vinden er keukentafelgesprekken met de betreffende grondeigenaar plaats om tot een passende oplossing te komen. Andersom is het ook zo dat we op basis van een maximale variant zien dat sommige percelen altijd droog blijven en we deze dus niet nodig hebben. Maar voor veel percelen hangt dit af van het uiteindelijke voorkeursalternatief dus daarvoor is het nog steeds onzeker. 

j. Wat is de volgende stap na het NRD?

Met Royal Haskoning DHV (RHDHV) is een Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) opgesteld. Dit is het eerste onderdeel van een Milieueffectrapportage (m.e.r.) en heeft als doel de effecten van meerdere varianten onafhankelijk in kaart te brengen en te beoordelen op de omgevings- en milieueffecten (bv landbouw, natuur, cultuurhistorie en recreatie). Op basis van deze informatie is er variant die wordt aangewezen als voorkeursvariant. In de NRD staan de alternatieven die in de verdere m.e.r. procedure onderzocht gaan worden en wat de eisen en bandbreedte van het project zijn. De bestuurders die uiteindelijk een beslissing moeten nemen over het project, kunnen de milieueffecten bij hun afwegingen betrekken.
Na de NRD is de volgende stap dat er een MER gemaakt wordt waarin de verschillende alternatieven vergeleken worden op basis van verschillende criteria. Tegelijkertijd stellen we een schetsontwerp op met reële maatregelen. Het schetsontwerp verwachten we rondom de zomerperiode beschikbaar te hebben. Op basis hiervan zullen er opnieuw gesprekken plaatsvinden met grondeigenaren en daarna een openbare bijeenkomst. 

k. Hoe zit het met de drooglegging van de kernen van Bruggerhuizen en Zeelberg?

Wij vinden het van groot belang dat de kernen droog blijven. We hebben daarom onderzocht wat voor effect het heeft op de natuurdoelstellingen als we deze kernen droog houden. Het blijkt dat dit niet strijdig is met de natuurdoelstellingen. Hoe we dat technisch precies gaan doen moeten we nog uitwerken. We doen dit stap voor stap en horen ook graag uw ideeën hierover.

l. Kan ik straks de Milieueffectrapportage inzien?

Iedereen kan straks de Milieueffectrapportage inzien en hierop een reactie geven. De rapportage komt samen met het projectplan, Provinciaal Inpassingsplan (PIP) en bijbehorende vergunningen ter inzage. De inzagetermijn is 6 weken. De ‘ter inzage’ publiceren we breed in huis-aan-huis kranten, een nieuwsbrief en op onze website www.dommel.nl

m. Waarom wordt er een m.e.r. procedure voor dit project opgestart?

De verwachting is dat het project een groot effect op de omgeving heeft. We willen zorgvuldig zijn en deze procedure is een manier om zorgvuldig en transparant alternatieven af te wegen op basis van heldere argumenten. Dit leidt uiteindelijk tot een goedafgewogen voorkeursalternatief. We spreken velen via keukentafelgesprekken en gebiedsbijeenkomsten, maar het is in de procedure op meerdere momenten mogelijk om formeel de plannen in te zien en een reactie te geven. Nog een reden voor provincie Noord-Brabant en Waterschap De Dommel om te kiezen een MER-procedure in te zetten.

n. Wanneer ligt er echt een concreet plan met maatregelen?

Het voorkeursalternatief is het eerste echte plan wat duidelijk weergeeft wat er waar moet gebeuren en hoe. Wel moeten daar de details nog nader van bepaald worden, zoals het aanbrengen van duikers, greppels en technische voorzieningen. Deze details worden in een volgende stap (het projectplan) beschreven. De verwachting is dat we na de zomerperiode (2019) een bijeenkomst kunnen organiseren om dit voorkeursalternatief te laten zien.

o. Zijn ‘kosten’ een te toetsen criteria in de m.e.r.?

Binnen de m.e.r. worden er geen afwegingen genomen op basis van de kosten. De criteria waarop wel wordt getoetst zijn criteria met betrekking op natuur, grond- en oppervlaktewater, bodem, landschap en cultuurhistorie, archeologische waarden, woon-, werk- en leefmilieu, grondgebruik, klimaat en duurzaamheid.

p. Hebben jullie al gronden aangekocht?

Ja, we hebben met een aantal eigenaren al definitieve overeenstemming. De gesprekken gaan door en we proberen steeds voor iedereen een zo goed mogelijke oplossing te bieden.

q. Worden personen onteigend van grond?

Momenteel lopen er gespreken over het beschikbaar krijgen van gronden voor het project. Gronden die nodig zijn voor de uitvoering van de PAS maatregelen, inrichting van het NNB en de KRW doelen. Omdat de PAS maatregelen voor 2021 uitgevoerd moeten zijn hebben bestuurders besloten in het uiterste geval tot onteigening over te willen gaan voor de gronden die hiervoor nodig zullen zijn. Uiteraard alleen als er op vrijwillige basis geen overeenstemming wordt bereikt en de gronden perse noodzakelijk zijn om de verplichte PAS maatregelen uit te voeren. De overige gronden worden op vrijwillige basis verworven. 

r. Wat moet er hersteld worden?

Er dienen in grote lijnen 2 dingen hersteld te worden:
1)    Eind jaren ’90 is meandering ten noorden van Achelse Kluis en stuw Drie Bruggen al gerealiseerd en is de stroomsnelheid van de beek dus aangepast. We willen dit nu realiseren in het andere deel van de Tongelreep. Hiervoor dient de Tongelreep op dit traject aangepast te worden. Zowel de ligging, in de vorm van meer bochten, als de diepte en de breedte van de beek. De beekbodem wordt omhoog gebracht en de beek wordt smaller. Hierdoor stroomt het water minder snel waardoor het langer in het gebied blijft vastgehouden.
2)    Ten tweede dienen de grondwaterstanden in de natuurgebieden langs de beek en de vennen op de hei verhoogd te worden. De grondwaterstanden zijn nu met name in de zomer en het voorjaar veel te laag. Herstellen van de beek (bodemverhoging en smaller maken) en het langer vasthouden van water in de natuurgebieden door het afdammen, verondiepen en dempen van sloten en greppels draagt bij aan het herstel van de grondwaterstanden in de natuurgebieden. Tevens blijft het water langer in het (natuur)gebied vastgehouden; dit is gunstig in tijden van droogte.

s. Wordt de Tongelreep ingericht vergelijkbaar zoals in het eerste tracé bij Achelse Kluis en stuw Drie Bruggen?

De beek hoeft niet op het gehele traject terug op de oorspronkelijke plek. Waar de gronden beschikbaar zijn om de beek op deze plek terug te leggen gaan we dit doen. Indien er nog oude afgedamde stukken van de beek aanwezig zijn in het landschap, willen we deze weer opnieuw aansluiten. Bovenstaande is uiteraard wel volledig afhankelijk van de beschikbaarheid van de betreffende gronden. Uitgangspunt is dat we de doelen kunnen realiseren. We werken hierbij met samen met grondeigenaren.

t. Wat bedoelt het waterschap precies met afgraven? Heeft dit betrekking op de bodem van de beek of op de bouwvoor?

Met afgraven wordt bedoeld dat we de bouwvoor in het beekdeel op een aantal locaties afgraven. Bouwvoor is bovenste 30 à 40 cm van de bodem, de zwarte grond die vruchtbaar is. Waar dat precies is, weten we nog niet. Ook dit is onder andere afhankelijk van de beschikbaarheid van gronden. Daarnaast willen we ook graven om de nieuwe loop van de beek mogelijk te maken. Op andere locaties is het plan om de rechtgetrokken beek ook weer te dempen. Afgegraven grond kan hiervoor gebruikt worden.

u. Zijn er criteria om grond af te graven?

Er zijn geen harde criteria om grond af te graven. Wij kijken naar mogelijkheden om in natte situaties meer water in het beekdal vast te kunnen houden. Daarom laten we onderzoeken of het mogelijk is om gronden (die aangekocht zijn of die reeds in eigendom zijn van samenwerkingspartners) direct langs de beek gelegen, af te graven. Water kan zo langer in het beekdal worden vastgehouden en snelle afstroom van water kunnen we zo voorkomen.

Daarnaast is de grond vaak te voedselrijk voor de natuurdoelen die gesteld zijn. Dit betekent dat er vaak teveel fosfaat (mest) in de grond zit in het bovenste gedeelte. Natuur kan hier moeilijk op groeien vandaar dat afgraving een van de oplossingen is om natuur te kunnen realiseren. Voordat grond wordt afgegraven onderzoeken we de voedselrijkdom van de grond om te bepalen of afgraven nuttig is en zo ja, hoeveel er afgegraven dient te worden.
We kijken daarbij ook hoe en waar de afgegraven grond het beste kan worden hergebruikt.

v. Wordt er samengewerkt met de Belgische overheden?

Ja, wij werken samen met de Belgische overheden. Vanuit België wordt onder andere via de rioolwaterzuivering in Achel water geloosd op de Tongelreep.
Er vindt informatie uitwisseling plaats en het Belgische plan voor de Warmbeek zijn meegenomen in de hydrologische modellen. De Belgische overheid kan pas starten met het project als de benodigde gronden voor het plan voor de Warmbeek zijn verkregen. Dat is op dit moment nog niet het geval. Uiteraard blijven we hierover afstemming houden zodat de plannen op elkaar afgestemd blijven.

w. Kunnen we het water na de genomen maatregelen sturen? Wordt er een gestuurde waterberging gecreëerd of een blijvend wateroppervlak?

Het is niet de opgave en het doel om bij de Tongelreep een gestuurde waterberging te creëren. Wel kijken we of we in het beekdal ruimte kunnen vinden om in natuurgebieden langs de beek op een natuurlijke manier water langer vast te houden. Dit is gunstig in tijden van droogte en in natte situaties. Streven is om dit te laten terugkomen in het voorkeursalternatief

x. Hoe lang gaan de werkzaamheden duren?

Het is nog niet duidelijk hoe lang de werkzaamheden exact gaan duren. Dat is ook mede afhankelijk van het feit of alle maatregelen tegelijkertijd uitgevoerd kunnen worden. Daarnaast dient bij de uitvoering van de werkzaamheden bijvoorbeeld rekening gehouden te worden met het broedseizoen, aanwezige plant- en diersoorten en weer- en terreinomstandigheden. Indien alle werkzaamheden gelijktijdig uitgevoerd worden, verwachten wij dat de werkzaamheden tussen 6 maanden en 1 jaar in beslag gaan nemen. Aangezien de werkzaamheden waarschijnlijk verdeeld zijn over een groot deel van het gebied, zijn we niet gedurende deze gehele periode op 1 locatie aan het werk.

z. Heeft de uitspraak van Raad van State PAS gevolgen voor onze projecten?

Op 29 mei heeft de Raad van State (RvS) uitspraak gedaan over het Programma Aanpak Stikstof (PAS). Hieruit blijkt dat PAS niet mag worden gebruikt als basis voor toestemming voor (economische) ... activiteiten.

Met PAS worden er maatregelen genomen in beschermde natuurgebieden die positieve gevolgen hebben op het gebied. Hierop vooruitlopend werd er toestemming gegeven voor activiteiten die mogelijk schadelijk zijn voor die gebieden vanwege de extra stikstof uitstoot. Zo’n toestemming ‘vooraf’ mag niet (meer) en heeft gevolgen voor iedereen die vergunningsaanvragen heeft lopen. Voor veehouders zullen eerder verleende vergunningen worden vernietigd. Alleen de onherroepelijke vergunningen blijven staan. Gemeenten hebben op hun beurt nu problemen met bestemmingsplannen die tot extra stikstof uitstoot leiden in de nabijheid van N2000-gebieden. Het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit laat weten nog dezelfde ambities te hebben om de hoeveelheid stikstof terug te dringen. Samen met provincies en de ministeries van LNV, EZ, Defensie en Infrastructuur en Waterstaat bekijken ze nu hoe dit het beste kan worden gerealiseerd.

Gevolgen voor onze projecten?
Al jaren is er in Natura 2000-gebieden (N2000) een overschot aan stikstof. Dit is schadelijk voor de natuur. Als waterschap nemen we maatregelen om kwetsbare natuur te herstellen. Bijvoorbeeld door stikstofrijke grondlagen te verwijderen of door het grondwaterpeil te verhogen. RvS zegt dat de herstelmaatregelen zo snel mogelijk moeten worden uitgevoerd. We gaan dus door met onze projecten op de ingeslagen weg, omdat de ambitie en juridische basis voor deze maatregelen niet ter discussie staan.