Beregeningen agrarische doeleinden

Beregenen voor agrarische doeleinden

U wilt grondwater gebruiken, in aanvulling op de natuurlijke regenval, om gewassen te laten groeien. Dan krijgt u te maken met regels die het waterschap hiervoor heeft opgesteld.

In de Beschermde gebieden waterhuishouding, de attentiegebieden en de invloedsgebieden Natura 2000 geldt een vergunningplicht voor het onttrekken van grondwater voor beregening. Nieuwe vergunningen worden niet verleend, wel kan een vergunning overgaan op de rechtsopvolger bij overdracht van eigendommen en/of bodemgebruik.

In de overige gebieden gelden algemene regels voor het onttrekken van grondwater.

Binnen de Beschermde gebieden waterhuishouding, attentiegebieden, Invloedsgebieden Natura 2000 en Beperkt invloedsgebied Natura 2000

  • Er worden geen nieuwe vergunningen meer verleend voor beregening;
  • Bestaande putten mogen worden verplaatst vanuit de beschermde gebieden waterhuishouding naar de attentiegebieden en invloedsgebieden Natura 2000. Verplaatsing van de put is ook mogelijk naar een locatie buiten de beschermde gebieden waterhuishouding, attentiegebieden, invloedsgebieden Natura 2000 en beperkte invloedsgebieden N2000. Het doel is steeds het vergroten van de afstand van de onttrekking ten opzichte van natuurgebieden;
  • Bestaande putten mogen ook worden verplaatst als er sprake is van overheidsplannen. De nieuwe put mag hierbij niet zijn gelegen in beschermd gebied waterhuishouding of attentiegebied;
  • Grasland mag niet worden beregend tussen 1 januari en 1 juni, daarnaast mag grasland in juni en juli niet tussen 11.00 en 17.00 beregend worden;
  • In geval van extreme droge situaties kan hiervan worden afgeweken.
  • Grasland mag wel beregend worden binnen 48 uur na bemesting met dierlijke mest. Dit geldt echter alleen voor de periode 1 januari tot 1 juni.
  • Voor intensieve grondgebonden teelten, waarbij vruchtwisseling belangrijk is, kan een raamvergunning worden verleend, waarin de totale pompcapaciteit per uur is aangegeven en de maximale diepte van de put.
  • U mag een bestaande put vervangen binnen 50 meter van de bestaande ingemeten locatie. Deze nieuwe put moet dezelfde diepte of ondieper zijn als de oude put, maar mag niet dieper zijn dan de maximale diepte conform de algemene regels grondwater;
  • Bij overdracht van eigendommen en/of bodemgebruik kan een vergunning overgaan op een rechtsopvolger. Dit kan ook betrekking hebben op een deel van de vergunning, waarbij echter elk deel van de vergunning minimaal moet bestaan uit een put en een pompcapaciteit van tenminste 11 kubieke meter per uur. Deze overdracht moet gemeld worden aan het waterschap. 

Buiten de Beschermde gebieden waterhuishouding, attentiegebieden, Invloedsgebieden Natura 2000 en Beperkt invloedsgebied Natura 2000

Beregening van grasland

Met graslandberegening wordt bedoeld het beregenen van percelen met gras die bedoeld zijn voor het houden of weiden van vee en daarmee vergelijkbaar agrarische gebruik. Een vergunning tot het onttrekken van grondwater is niet vereist voor beregening van grasland:

  • voor zover de onttrekkingsinrichting is gelegen buiten de Beschermde gebieden Waterhuishouding en attentiegebieden zoals die zijn aangegeven op de bij de Keur behorende Keurkaart beschermde gebieden en buiten de invloedsgebieden Natura 2000 die zijn aangewezen op de kaart behorende bij deze algemene regels;
  • de onttrekkingsinrichting een maximale pompcapaciteit heeft van 70 m3 per uur;
  • er niet meer dan 1 put per 5 hectare aanwezig is;
  • de putten zijn niet dieper dan in artikel 34.1 van de Algemene regels is bepaald. Bekijk de Kaart Maximale Boordieptes;
  • de houder van de onttrekkingsinrichting beschikt over een bedrijfswaterplan en de daarin opgenomen maatregelen zijn uitgevoerd.

Beregening van akkerbouw, vollegronds tuinbouw en vollegronds boomteelt

Een vergunning tot het onttrekken van grondwater is niet vereist voor gebruik ten behoeve van akkerbouw, vollegronds tuinbouw en vollegronds boomteelt:

  • voor zover de onttrekkingsinrichting is gelegen buiten de Beschermde gebieden Waterhuishouding en attentiegebieden zoals die zijn aangegeven op de Keurkaart “Beschermde gebieden” en buiten de invloedsgebieden Natura 2000 die zijn aangewezen op de keurkaart behorende bij deze algemene regels;
  • de onttrekkingsinrichting een maximale pompcapaciteit heeft van 100 m3 per uur;
  • er niet meer dan 1 put per 5 hectare aanwezig is;
  • de putten zijn niet dieper dan in artikel 34.1 van de Algemene regels is bepaald;
  • de houder van de onttrekkingsinrichting beschikt over een bedrijfswaterplan en de daarin opgenomen maatregelen zijn uitgevoerd.

Overdracht van eigendommen

Bij overdracht van eigendommen en/of bodemgebruik kan een vergunning overgaan op de rechtsopvolger. Deze overdracht moet worden gemeld bij het waterschap. Gebruik hiervoor het formulier Wijzigen tenaamstelling beregeningsput.

Verplaatsen van een of meerdere beregeningsput(ten) 

Een verzoek tot het verplaatsen van een of meerdere beregeningsput(ten) kunt u indienen met het formulier aanvraag verplaatsen beregeningsput.

Buiten de Beschermde gebieden waterhuishouding, attentiegebieden, Invloedsgebieden Natura 2000 en Beperkt invloedsgebied Natura 2000

Als u onder deze voorwaarden grondwater gaat onttrekken moet u dit 4 weken voor start van de werkzaamheden melden door middel van het invullen van het formulier boven aan deze pagina. Bij de melding hoort het bedrijfswaterplan dat ook als invuldocument op deze pagina staat.

Het waterschap denkt graag met u mee. Voor vragen kunt u contact opnemen met team vergunningen: 0411 - 618 618.