Project gerealiseerd (2020-2021)

De Kampina is een bijzonder natuurgebied dat Natuurmonumenten(externe link) al bijna 100 jaar beheert. De Kampina is een bijzonder natuurgebied dat Natuurmonumenten al 100 jaar beheert. Het heet een ‘Natte Natuurparel’ omdat de natuur hier afhankelijk is van voldoende grondwater en een goede waterkwaliteit. Maar het verdrogen van de natuur in de Kampina is al jaren een groot probleem. Het heeft grote gevolgen voor onder meer de zeldzame blauwgraslanden. Waterschap De Dommel, Natuurmonumenten en de Provincie Noord-Brabant werken daarom aan het herstel van water en natuur.

Verdroging

Tijdens de grote ruilverkaveling rond 1950 is de kronkelende Beerze, voor een groot gedeelte recht getrokken en breder gemaakt. Ook werden er omleidingssloten, zoals de Heiloop, gegraven. Dit gebeurde allemaal voor een snellere waterafvoer, om de landbouwgebieden er omheen droger te krijgen. Maar dat zorgde ook voor verdroging van de natuur in het beekdal.

Wist je dat ...

Het Beerzewater in de vorige eeuw zo vervuild was met meststoffen dat het de blauwgraslanden bedreigde. Om ze niet bloot te stellen aan overstroming is in 1989  een groot waterbergingsgebied aangelegd in de Logtse Velden. Hier werd het vervuilde water opgevangen en kon vervolgens, via de Heiloop, om de blauwgraslanden heen wegstromen.

Blauwgraslanden

De blauwgraslanden danken hun naam aan de blauwgroene zweem van de blauwe zegge. Maar in deze drassige, voedselarme graslanden groeien en bloeien nog meer zeldzame soorten zoals de spaanse ruiter en de blauwe knoop. De blauwgraslanden zijn afhankelijk van kalkrijk kwelwater dat in de graslanden omhoog komt. Ze dreigden te verdwijnen door verdroging en verzuring.

Wist je dat ...

Een eeuw terug had Nederland nog 30.000 hectare blauwgrasland, nu nog maar 30. En 2,5 hectare ligt hier in de Kampina.

Meanderende Beerze

Over een lengte van 1,2 kilometer heeft de Beerze hier zijn meanders weer terug gekregen. Die bochten in de beek zorgen voor meer afwisseling van stroming, zandafzetting en schaduw in de beek. Dit verbetert de kwaliteit van het water en dat is goed voor allerlei dieren en planten in en om de beek.. Kijk maar eens goed of je de bosbeekjuffer ziet vliegen of de kwabaal voorbij ziet zwemmen.

Wist je dat ...

De kwabaal  de enige zoetwatervis is met één kenmerkende baarddraad. Door vervuiling en verdroging verdween de kwabaal uit de Brabantse beken. In de Beerze zwemt hij nu weer. Het water is koel en zuurstofrijk. In de holle oevers en diepe kuilen kunnen ze goed schuilen en op kleine visjes jagen.

Herstel van de kwelstroom

De Heiloop, ooit aangelegd om het vervuilde Beerzewater om de blauwgraslanden heen te leiden, bleek van grote invloed op de ondergrondse kalkrijke kwelstroom. De Heiloop voerde teveel kwelwater af dat hierdoor niet bij de blauwgraslanden kon komen. Nu de Heiloop, voor een groot gedeelte, minder diep gemaakt is, kan het kwelwater de blauwgraslanden weer bereiken.

Automatische klepstuw

Er ligt een nieuwe stuw in de Brinksdijk. De oude stuw had een vaste drempel die zorgde dat de Logtse Velden te lang onder water bleven staan. Dat was niet goed voor de natuur. In de nieuwe stuw is die drempel weg en ligt de klep meestal plat, waardoor het Beerzewater helemaal kan doorstromen.

Pratende stuwen

Bijzonder is dat de stuw in de Beerze en de Heiloop met elkaar 'praten’.  Ze hebben sensoren die de hoeveelheid water meten. Bij een hogere waterafvoer, gaat de stuwklep van de Heiloop omlaag en de klep van de Beerze iets omhoog. Wordt het waterpeil van de Beerze nog hoger, dan gaan beide kleppen helemaal omhoog. Zodat  de waterbergingsgebieden Logtse Baan en Logste Velden kunnen vollopen.  Hierdoor wordt wateroverlast bij onder andere Boxtel voorkomen

Wist je dat ...

De klep van deze stuw bijna altijd omlaag staat en daarom geen hindernis meer is voor de vissen. De klep heeft een v-vormig patroon, dit zijn rustpunten voor de kleine vissen. Zodat ook zij stroomopwaarts kunnen zwemmen.